Het gemeentelijke badhuis aan het Paduaplein in Tilburg was het tweede officiële badhuis van de stad en werd geopend op 31 maart 1928. Omdat de meeste arbeiderswoningen in die tijd nog geen eigen douche of warm stromend water hadden, was dit badhuis decennialang een essentiële plek voor de persoonlijke hygiëne van de buurtbewoners. [1, 2, 3, 4]

Geschiedenis en Werkwijze

  • Inrichting: Het badhuis beschikte over 15 douchecellen. Er waren twee aparte wachtkamers: één voor mannen en één voor vrouwen. De groepen werden strikt gescheiden en beurtelings binnengelaten. [1, 2]
  • Strikte regels: Bezoekers konden niet onbeperkt douchen. Men ging groepsgewijs de cellen in, waarna de badmeester of badvrouw centraal het water aanzette. Na een aantal minuten riep de badman dat er nog één minuut over was, waarna de kranen onherroepelijk dicht gingen.
  • Kosten: Bij de opening in 1928 betaalde men van maandag tot en met donderdag 10 cent voor een stortbad en 40 cent voor een kuipbad. In het weekend lag de prijs met respectiveel 15 en 55 cent iets hoger. Dit was inclusief het gebruik van een handdoek en zeep. [1]

Boven: het voormalige Badhuis van het Paduaplein